Oud is het nieuwe nieuw

Gepubliceerd op 29 januari 2018

Eind 2015 presenteerde de Europese Commissie het Circular Economy Package (CEP). Daarin stelt zij maatregelen voor die moeten leiden tot betere recycling en volledig hergebruik van grondstoffen. ARN juicht deze maatregelen toe. Wel verdienen enkele onderdelen voor onze branche verdieping en toelichting.


Tekst ARN Redactie

Het ‘rondmaken van de cirkel’, noemt de Europese Commissie het in haar Circular Economy Package (CEP). De Commissie streeft naar een circulaire economie waarin grondstoffen, producten en afvalstoffen zo lang mogelijk worden benut. Het CEP heeft betrekking op de hele levenscyclus: van productie en consumptie tot afvalbeheer en de markt voor secundaire grondstoffen. Het bestaat feitelijk onder andere uit een bundeling van bestaande richtlijnen op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast wordt nadruk gelegd op verbetering van de meetmethodieken om recycling efficiëntie te meten. Op dit moment beslist iedere Europese lidstaat hoe dit gebeurt, met onvergelijkbare resultaten als gevolg. Bij ARN staan we garant voor een zorgvuldig opgebouwde en transparante rapportage over de recyclingverplichtingen.

Nu de overstap maken

Dat het belangrijk is om nu over te stappen van een lineaire naar een circulaire economie is evident. Doen we dat niet, dan ontstaat er binnen 35 jaar een tekort aan grondstoffen en brengen we het milieu ernstige schade toe. Het is dus niet meer dan logisch dat de Europese overheid – en in navolging daarvan ook de Nederlandse – vol inzet op een economie waarin we geen afval meer produceren door producten efficiënter te maken en te hergebruiken. Een economie, bovendien, waarin we grondstoffen alleen nog duurzaam winnen. Willen we ons milieu en onze leefomgeving sparen, dan is de transitie naar zo’n economie onze enige optie.

Nederlandse afhankelijkheid verkleinen

Voor Nederland in het bijzonder komt daar een belangrijke reden bij. Ons land kan in de toekomst niet voldoen aan de sterk stijgende behoefte aan grondstoffen, om de eenvoudige reden dat we er zelf te weinig van hebben. Nu al halen we bijna 70 procent van onze grondstoffen uit het buitenland. Met de toenemende schaarste zullen de grondstofprijzen stijgen. Door grondstoffen efficiënter te gebruiken en slimmer te hergebruiken, verkleinen we onze afhankelijkheid van de landen die ze produceren.

Het is niet meer dan logisch dat we vol inzetten op een economie waarin we geen afval meer produceren door producten efficiënter te maken en te hergebruiken

De voorstellen uit het CEP raken aan de kern van de activiteiten van ARN. Namens de importeurs voeren we het Besluit Beheer Autowrakken (Bba) uit. Met initiatieven als de PST-fabriek hebben we ons ontwikkeld tot specialist op het gebied van duurzaamheid en recycling in de mobiliteitsbranche. Daardoor kennen we als geen ander de kenmerken, mogelijkheden én barrières van de circulaire economie aan het einde van de keten.

Langdurige invloed op milieu

De auto is een van de meest complexe consumentenproducten. Auto’s worden samengesteld uit een enorme hoeveelheid grondstoffen en materialen door een groot aantal toeleveranciers. Ook hebben auto’s een lange levensduur en hebben ze tijdens die hele levensduur impact op het milieu – zowel tijdens het productieproces als tijdens het gebruik. Deze aspecten zijn van belang om mee te wegen als je zoals ARN aan het eind van de keten zit; de knoppen om aan te draaien zijn beperkt.

Autofabrikanten worden al geconfronteerd met zeer veel regelgeving rondom emissie, veiligheid en recyclebaarheid van hun producten. De grootste milieudruk ontstaat bij de auto in de productie en het gebruik. Daardoor ligt de focus veel meer op emissiereductie (zoals staat in het SER Energieakkoord) en op efficiencymaatregelen in de productie, dan op de toepassing van materialen die bij het einde van de levenscyclus het best recyclebaar zijn. Vanuit milieuwinst is dat een logische keuze, al maken we ons juist bij ARN ook sterk voor optimaal hergebruik.

De mobiliteitsbranche en de circulaire economie

Voor veel branches is circulair handelen een streven. De mobiliteitsbranche is al goed op weg. In 2016 reden in Nederland 8,9 miljoen voertuigen rond. De levensduur van auto’s, voordat ze gerecycled worden, is gemiddeld 18,1 jaar. Voor ongeveer 250.000 auto’s per jaar draagt export bij aan verlenging van die levensduur. De gemiddelde CO2-uitstoot per kilometer is de afgelopen jaren gedaald. Werkplaatsen droegen bij aan het kwalitatief in stand houden van auto’s, met onder meer regulier onderhoud, keuring en reparatie. Is een auto uiteindelijk echt niet meer economisch of technisch levensvatbaar? Dan zorgt de recyclingketen dat 86,7 procent van de materialen hernieuwd wordt toegepast en dat 9,3% terugkomt in de vorm van energieterugwinning.